Colibright meets Flashes of Realness

Op een zonnige dag in een lang vervlogen seizoen, rees tijdens een spelletje boerengolf in de Ardennen het idee voor een samenwerking tussen beide.

Of ons enthousiasme te wijten was aan de goede lucht daar, of de oorzaak eerder in de geestrijke Lupulus en BBQ achteraf moet worden gezocht, laten we hier in het midden. Feit is dat het ook nog na dat weekend een strak plan leek onze passies tot iets nieuws te combineren.

Omdat het gewoon leuk is, omdat onze drives gelijk lopen, maar ook omdat tegelijk beide activiteiten complementair zijn. We houden ervan echte momenten te vangen en te delen. De één met tekst, de ander met foto’s. Ultiem plezier wanneer we anderen hiermee kunnen verblijden, helpen of raken. Anderzijds hebben we alle twee ook iets wat de ander niet heeft. Want hoewel een krachtig beeld volgens het cliché meer zegt dan duizend woorden, kunnen woorden soms ook helpen het verhaal achter een momentopname te belichten. Zoals het borsteltje van de archeoloog dat stukje bij beetje dieperliggende schatten en geheimen blootlegt. En plots is prachtig beeld nog waardevoller geworden.

Nieuwsgierig? Spring dan gerust op onze vleugels voor een spannende vlucht. We beloven je ultieme photoflashes, geïllustreerd met colibrighte verhalen.

De foto’s hieronder horen alvast bij dit kortverhaal. Colibright vind je hierzo.

Tot binnenkort!

Lana & Wouter

 

Weekend verjaardagen Lana & Daya (65)

Weekend verjaardagen Lana & Daya (66)

Weekend verjaardagen Lana & Daya (49)

Weekend verjaardagen Lana & Daya (159)

Weekend verjaardagen Lana & Daya (70)

Weekend verjaardagen Lana & Daya (14)

Weekend verjaardagen Lana & Daya (83)

Weekend verjaardagen Lana & Daya (128)

Weekend verjaardagen Lana & Daya (126)

Weekend verjaardagen Lana & Daya (114)

Weekend verjaardagen Lana & Daya (144)

Weekend verjaardagen Lana & Daya (134)

Weekend verjaardagen Lana & Daya (73)

 

 

 

 

Plot twist van de week

Blij dat het weekend is! Mijn week was al niet rustig te noemen, en toen botste ik (bijna letterlijk) in het midden van die week op een kleine kat die zorgen en aandacht nodig had (voor één keer was het eens niet de mijne 😉).

Foto-Vicje

Deze lieve stakker zwalpte helemaal verdwaasd over straat toen ik op weg was van mijn werk naar huis. Eerst wist ik niet wat ik zag.. Zijn kopje zag er heel raar uit, alsof hij aangereden was. Instinctief sprong ik uit mijn auto om te vermijden dat iemand hem zou overrijden. Ik zette nog wel mijn vier knipperlichten aan en zorgde dat ik zelf niet onder een auto liep, en toen plukte ik hem van de koude, drukke straat. Wat een warm gevoel meteen voor dit kleine wezentje. ❤️ Misschien heb ik het mij ingebeeld, maar hij leek zo dankbaar… Z’n hoofdje zat onder de vreselijk lelijke abcessen (Er is een reden waarom ik deze foto niet in kleur toon 😉) maar hij palmde mij meteen in. Hij keek me aan met grote ogen, observerend maar niet angstig.

Met een groggy kat op mijn achterbank reed ik naar de dichtstbijzijnde dierenkliniek. Daar aangekomen bleek hij -zoals we vermoedden- niet gechipt. Hij was ondervoed en uitgedroogd en liep wellicht al een hele tijd met zijn verwondingen rond. Omdat het al avond was, werd beslist hem de eerste noodzakelijk zorgen toe te dienen en hem daar te laten overnachten. De volgende avond ging ik hem weer ophalen en bracht ik het beestje samen met mijn zus (die veldwerker is bij Zwerfkat in nood) naar het verre Limburg. Daar kon hij verder verzorgd worden bij de dierenarts van de organisatie om nadien geplaatst te worden in een gastgezin dat hem verder kan opvangen.

Wat ik met dit verhaal gewoon even wil zeggen mensen: Er bestaan instanties hiervoor, en dat is misschien te weinig bekend. Je hoeft er zeker niet veel tijd of energie in te steken (omdat mijn zus nauw betrokken is bij zo’n organisatie gebeurde dit bij mij toevallig wel), maar als je een dier in nood tegenkomt, rijd niet zomaar voorbij. Er simpelweg melding van maken kan al veel in beweging brengen en het diertje redden. Hiermee bedoel ik geen melding bij de politie (wat vaak aangeraden wordt, maar niet de beste optie is omdat er zelden een gevolg aan gegeven wordt dat gunstig is voor het dier), maar bij instanties die zich over verwaarloosde of achtergelaten dieren bekommeren. Check zeker eens deze website.

De helft van jullie vraagt zich nu wellicht af ‘Waarom al die moeite doen. Er zijn toch teveel katten’. Zeer juist. Er zijn ook teveel mensen. 😉

Of: ‘Waarom energie steken in een kat die niet de jouwe is?’. Wel, misschien omdat dat beestje het net nog meer nodig heeft. Het heeft letterlijk niemand in deze wereld. Is dat op zich niet schrijnend genoeg? Alsof we ons enkel het leed van onze eigen omgeving mogen aantrekken. Zolang onze familie, onze vrienden, onze huisdieren maar ok zijn, toch? Wat als we soms eens de cruciale vijf minuten verder dan dat zouden kijken? Een dier in nood zal echt niet je spreekwoordelijke hele arm opeisen. Het zal al ontzettend dankbaar zijn met een uitgestoken vinger. ☝🏼😉

cat_icon_michelangelo

 

Mijn eerste halve marathon

Sinds enige tijd heb ik het in mijn hoofd gestoken dat ik ooit een marathon wil lopen. Maar omdat dit geval hier nogal geneigd is haar lat wat hoog te leggen en meteen voor het grootste/ verste/ moeilijkste te gaan, werd ik door mijn iets nuchterdere wederhelft aangeraden misschien eerst te beginnen met een halve marathon. En zo geschiedde. Volgzaam als ik ben 😉 schreef ik mij in voor de Donkmeerloop halve marathon in Berlare.

Met een basisconditie die meer dan oké was (Ik liep en yoga-de sowieso al veel), begon ik 12 weken geleden te lopen onder het alziend oog van mijn ‘persoonlijke’ coach die ik deel met half lopend Vlaanderen: Evy Gruyaert. De eerste weken gingen vlot. Het weer was nog goed en de trainingen haalbaar. Drie keer per week gaan lopen gedurende 35 à 70 minuten, dat lukte goed. Maar dan kwam er slechter weer (of zeg maar: zondvloeden), en langere trainingen. Vier keer per week lopen gedurende 60 à 100 minuten. Ik skipte al eens een training, meer uit tijdgebrek dan omwille van ‘geen goesting’. Op zich loop ik ook nog graag in de regen (liever te koud dan te warm, ik), maar stormweer laat ik toch liever overwaaien. Gelukkig was er dan nog de loopband van de Basic Fit. En steeds bleef Evy mij enthousiast steunen, zelfs als ik op die loopband dus geen kilometers maakte. (Denk aan moed insprekende kreten zoals “Je hebt al 0 kilometer afgelegd, goed zo kanjer!”). Danku Evy om ook dan in mij te geloven.

Ik maakte nog steeds vooruitgang: mijn snelheid bleef stijgen en het lopen voelde alsmaar lichter aan. Het is pas sinds een week of drie dat ik plots ben beginnen twijfelen of die 21 kilometer wel zou lukken. En dan nog door één stomme keer dat het wat minder vlot ging. Dat is wel een beetje typisch ik: altijd vooruitgang willen zien en bij een terugval ineens alles in twijfel trekken. Uiteraard volkomen idioot en onlogisch, maar die zwarte monstertjes in mijn hoofd beschikken nu eenmaal niet over veel logica. Nochtans hebben ze mij in een verder verleden te vaak te pakken gekregen, maar dat zou ik nu dus niet laten gebeuren. Ik nam me voor te vertrouwen op mijn lichaam, dat best sterk is, en op wat ik opgebouwd had. Wat ook hielp waren de bemoedigende woorden van mijn zotste, meest enthousiaste supporter Eelke, die zelf supersportief is: “Het is gewoon uitlopen he”. Zo nuchter eigenlijk, dat ik daar niet aan gedacht had. 😉 Ik zou het inderdaad gewoon uitlopen, desnoods al mankend of kruipend.

Manken of kruipen was woensdag gelukkig niet nodig. Aan de start werd ik samen met 746 andere halve marathon lopers getrakteerd op een herfstzonnetje en tegelijk stond er een frisse wind, ideaal voor wat afkoeling. Rondom mij hier en daar blote benen in een short, maar toch vooral veel lange broeken en zelfs lange mouwen. Bij de gedachte alleen al kreeg ik vapeurs. Ik kan echt niet goed lopen als ik oververhit geraak. Shortje en T-shirt aan dus, en off we go!

Het eerste (kleine) rondje ging vlot, en ook tijdens de eerste grote ronde langs het Donkmeer bleef mijn tempo stijgen. Stiekem begon ik te hopen dat, als ik deze snelheid kon aanhouden of nog wat kon versnellen, ik onder de twee uur zou blijven. Maar de weg was natuurlijk nog lang (nog zo’n 13 kilometer te gaan op dat moment) en ongetwijfeld zou er wel wat vermoeidheid optreden. Lang kon ik het tempo van 10,5 km/u aanhouden, maar uiteindelijk werd het 10,3. Intussen schreeuwden mijn geweldige fans de longen uit hun lijf en staken uitgelaten kinderen hun armpjes uit voor een bemoedigend handjeklap. Zot eigenlijk hoeveel het helpt om je naam te horen weerklinken of een lachend kindergezichtje te zien. Wat het lopen ook aangenaam maakte was de prachtige omgeving. Een stukje bos, afgewisseld met een parcours langs het meer. Ik begrijp waarom deze wedstrijd de mooiste halve wordt genoemd. Kijk zelf maar even.

Berlare6_omgeving

Berlare5_omgeving

Foto’s: http://www.demooistehalve.com

Op 3 kilometer voor de aankomst kreeg ik wat last van mijn maag, maar no way dat ik nu nog zou vertragen, laat staan stoppen. Ik probeerde met mijn laatste krachten het tempo erin te houden en finishte uiteindelijk na 2:05:56. Eat that, zwarte monstertjes. 😉 Al bij al was ik tevreden, maar ik denk niet dat het bij deze ene halve marathon zal blijven. Eerst eens proberen hoeveel ik onder die 2 uur geraak, en dan ooit misschien toch een volledige marathon, wie weet.. 😉

Welke lopers zijn er nog aan het trainen en wat is het volgende evenement op jullie loopkalender? 🙂

Lana x

Berlare2

Berlare9

 

Liefste minder gevoelige medemens

Zonet nam ik mijn laptop om iets te schrijven over mijn voorbereiding op de halve marathon, nu over minder dan een week. Sinds kort heb ik trouwens wat twijfels: het lopen ging de voorbije twee weken plots minder vlot dan voordien (Oh hallo jij oude bekende, Faalangst genaamd. Ik had met jou gebroken, weet je nog?) Daarover wou ik dus vertellen. Maar zoals altijd schrijf ik vanuit mijn hart. Of mijn lever, maag of nog een ander orgaan, zo je wil. Als daar iets op ligt, dan moet dat er eerst uit. En laat ons zeggen dat woorden hier de beste optie zijn.

De kwestie in kwestie, laat ik even in het midden, maar het had te maken met mijn hoogsensitiviteit (of het gebrek aan sensitiviteit van anderen, het ligt eraan hoe je het bekijkt). De laatste tijd is er veel te doen rond grensoverschrijdend gedrag. Maar ook zonder seksuele bijbetekenis kunnen mensen zich grensoverschrijdend gedragen. Gedrag is ongewenst als het jouw persoonlijke grens overschrijdt, en die grens is per definitie subjectief. Wel, vandaag werd mijn grens dus overschreden. Nochtans is deze de afgelopen jaren een heel stuk verplaatst. Want naast de trapjes van mijn voordeur, heb ik er een oprit en zelfs een heuse voortuin bij. Je hebt dus wel wat speling, alvorens je die deur bereikt. Maar als je lompweg de bloemen in mijn tuin vertrappelt en niet inziet waarom ik dat erg vind, sta mij dan toe even te reageren.

Liefste minder gevoelige medemens,

Ik weet dat het soms lijkt alsof wij dingen ingewikkeld maken, maar eigenlijk is het net heel simpel: Wij zijn empatisch en willen graag met anderen rekening houden. We begrijpen dat niet iedereen daar even goed in is, maar wil je het inlevingsvermogen dat wij hebben niet kleineren?

Ik merk dat jullie in sommige gevallen het grotere overzicht wat vergeten, omdat jullie vooral gewend zijn om vanuit jezelf te denken. Het is ok om soms een stukje van de puzzel te missen, maar misschien kunnen we net daarom samen puzzelen in plaats van andermans puzzel te vernielen?

Ik ondervind dat jullie zo nu en dan wat meer uitleg nodig hebben in situaties die wij gemakkelijk doorzien. Maar als we proberen te helpen en te verduidelijken, willen jullie dan even luisteren?

Ik weet dat jullie niet altijd verstaan waarom wij reageren zoals we reageren. Dat komt omdat onze voelsprieten wat langer zijn, omdat wij zéér veel oppikken, en al deze informatie samen voor een andere reactie zorgt. Wij hebben niets tegen korte voelsprieten, maar wil je alsjeblief de onze niet afbreken?

Ik merk dat jullie uitstekende handen niet altijd zien, dat jullie emoties liever schuwen en onze nood aan verbinding niet altijd snappen. Omgekeerd hebben wij wel eens moeite met jullie oppervlakkigheid en verstaan we niet echt hoe jullie de knop ‘betrokkenheid’ soms zo makkelijk kunnen uitschakelen.

Maar misschien moeten we elkaar ook niet persé volledig willen begrijpen. Volgens mij leidt dit met momenten zelfs tot meer ontreddering en onbegrip. Onze kijk op de wereld is namelijk fundamenteel anders, en we kunnen wel even van bril wisselen, maar niet van ogen. Dat besef lijkt me vaak al voldoende. Zo lang we elkaar dan in waarde laten en met een minimum aan respect behandelen, meeten we vanzelf wel ergens in the middle, toch?

 

Sterretjesweekend

Dit weekend was er eentje van veel emoties. Van afscheid en verdriet, maar tegelijk ook van hoop, steun en verbondenheid. Afscheid van een lang en dankbaar leven, en stilstaan bij leven dat veel te snel eindigde.

Het eerste gaat over de begrafenis van mijn liefste meterke, waarover ik op de dag van haar overlijden ook iets schreef. Gisteren zeiden we haar een laatste keer gedag, en hoewel ze 99 jaar werd, had dat samenkomen in een kerk voor hààr iets surrealistisch. Ik bleef maar naar haar kist en foto staren, mezelf de bedenking makend dat zij hier normaal op een stoel zou zitten. Want ze overleefde iedereen. Dat was altijd zo geweest, en dat zou altijd zo blijven. Of wat wou althans het naïeve kind in mij dat maar al te graag geloven.

Naast bedroefd, voelde ik mij tegelijk ook dankbaar. Om de vele lieve woorden en gebaren de voorbije week, soms uit onverwachte hoek. Om de goede herinneringen die we met z’n allen konden ophalen, en om de mooie, warme familie die ze heeft voortgebracht. Terwijl we haar doorheen de straten van de kerk naar haar laatste rustplaats begeleidden, heb ik meermaals achterom gekeken en bij het zien van die omvangrijke bende gedacht: ‘Goed gedaan meterke.’

Vandaag trokken we met een andere, kleinere bende richting Antwerpen om op de Ekiden run in Park Spoor Noord te gaan lopen voor Juul* en Miel*. Zij zijn de sterrenkindjes van een bevriend koppel, en werden in juni van dit jaar te vroeg geboren. Omdat woorden soms tekort schieten voor zo’n meedogenloos oneerlijke gebeurtenis, vind ik evenementen als deze geweldig. Ze creëren verbondenheid en maken afstanden minder groot. Het is een manier om de ouders te tonen dat je er voor hen bent en dat je met hen meeleeft. Via het Berrefonds kon je lopen ter ere van heel wat sterrenkindjes, waaronder Juul* en Miel*. Deze organisatie wil ouders zoveel mogelijk tastbare herinneringen aan hun kindje(s) geven. Daarom vond er voor aanvang van de aflossingsloop vanmiddag een sterrenwandeling plaats, langs een pad geplaveid met kindernaampjes.

Ster

Ster2

Op het einde van de wandeling werd de lucht gevuld met hoop in de vorm van witte ballonnen, voor elk kind één. De touwtjes van de ballonnen van Juul* en Miel* werden aan elkaar vastgeknoopt zodat ze mooi samen kunnen blijven.

Ballon2

De aflossingsrun zelf werd gelopen in ploegjes, waardoor er een team Juul en een team Miel was. Op zich maakt dat natuurlijk niets uit, ik heb evenveel voor Mielke als voor Juulke gelopen. 😉

Juul2 Juul

Hoewel ik hen niet heb gekend en we elkaar jammer genoeg nooit hebben mogen ontmoeten, heb ik toch de hele tijd aan hen gedacht en zijn die twee kleine castards erin geslaagd mij week te maken. Hoe kort ze hier fysiek ook waren, ze brengen dingen in beweging en zullen dit blijven doen. Ze creëren verbinding, laten ons stilstaan, maken ons mild,… En alleen al daarom, lieve Juul* en Miel*, zijn jullie topkereltjes. ♥

Piet&Lana

Renaat&Lana

Liefste meter,

99 jaar, 8 maanden en 4 dagen. Zo lang mocht de wereld van haar aanwezigheid genieten. Dat is vanmorgen plots gestopt. Op de warmste 15 oktober ooit. Ook haar warmste 15 oktober, en dat is op een periode van 99 jaar best bijzonder. Je hebt een mooi moment uitgekozen liefste meterke. Een dag met veel zonneschijn, voor iedereen die achterblijft. Een dag ook met veel warmte voor jou, want de laatste jaren had je het zo makkelijk koud.

Sinds een week of 4 wisten we dat je de 100 niet zou halen. Minder dan 4 maand was dat nog, maar je lichaam wou niet meer. Hoe vaak hebben we nochtans niet met een lach gezegd “Meter wordt wel 100 jaar”. Omdat je zo sterk was, je al zoveel meegemaakt en overwonnen had. Ik had zeker niet gewild dat je langer had moeten afzien, maar als ik nu terug denk aan die woorden van toen, dan wringt het toch een beetje dat het niet meer is mogen gebeuren. En ja, ik weet wel dat we dankbaar mogen zijn voor de tijd die we met jou hebben gekregen, maar tegelijk vind ik jouw leeftijd geen reden om te minimaliseren. Voor iemand die je graag ziet, is namelijk elk moment te vroeg. En zeker voor een grootmoeder zoals jij. Jullie huis voelde evenveel als een thuis dan mijn eigen thuis. Ruimtes gevuld met de geur van verse soep, warmte en een gezelligheid die ik niet kan omschrijven. Een veilige haven voor het gevoelige kind dat ik was, een plaats waar ik terug mezelf kon zijn als puber, waar ik even geen rolletje hoefde te spelen. Zoveel oprechtheid en zorgzaamheid, en in alle hoekjes en kantjes hangen herinneringen.

Deze middag gebeurde er iets bijzonder, meterke. Je was nog maar een paar uur niet meer hier, en ik ging een eind lopen op een plaats waar ik nog nooit geweest was. Exact in de helft van mijn looproute kwam ik, te midden van de velden, een kapelletje tegen waar enkele kaarsjes brandden. Jij die zo aan je geloof hield.. Ik denk niet dat dit toeval was. Ik heb mij even neergezet op het bankje voor de kapel en een gebedje gedaan voor jou, zoals jij dat altijd zo trouw deed voor ons, en iedereen van de familie, vlak voor het slapengaan.

Ik heb getwijfeld of ik wel iets moest schrijven. En daarna of ik het wel online moest gooien. Omdat het internet niet iets van jouw tijd is. Omdat jij geen controle hebt over wat ik openbaar maak, en ik niets wil doen dat jij niet gewild zou hebben. Omdat je een ingetogen vrouw was, en niet iemand van veel woorden.. In dat laatste verschillen we duidelijk van elkaar, maar wanneer je iets zei, dan was het wel raak. 🙂 Uiteindelijk deel ik nu wel deze woorden, omdat ik wil vertellen hoe bijzonder je was, en welk belang je voor mij had. Maar foto’s van ons of specifieke herinneringen, die zijn van mij. Of beter: van ons. Die koester ik voor mezelf, en bewaar ik in een doosje met een slot.

En ik weet zeker dat ik je, naast in herinneringen, ook in de toekomst zal blijven tegenkomen zoals vanmiddag aan dat kapelletje. In preisoep, in chocotoffs, in mensen die lief zijn voor elkaar.

Slaapzacht, liefste, zachtste, mooiste meter.

 

Blog-meter-3

Blog-Meter-4

Blog-meter-1

#writersgonnawrite: mijn dagboekverleden

Enkele weken had ik op de eerste Blogcocktail van de Blogacademie een gesprek met Christophe van Travelchecker. Hij vertelde mij dat hij vaak tijdens een treinrit dingen met de hand schrijft, die dan nadien omgezet worden naar een digitale versie. Voor mij klonk dit herkenbaar omdat ik ook nog steeds graag ideeën, losse gedachten en quotes neerkrabbel in notitieboekjes. Tijdens onze conversatie kwam ik tot het besef dat deze gewoonte terug gaat tot in mijn prille jeugd. In totaal heb ik namelijk een 12-tal dagboeken bij elkaar gepend. Sara-gewijs vertrouwde ik mijn dagboek m’n diepste geheimen toe, zij het wel zonder bril en beugel maar met evenveel gevoel voor jeugdige dramatiek.

Christophe zette me aan om deze dagboeken eens terug te gaan zoeken, en zo geschiedde. Een speurtocht door het ouderlijk huis leverde mij helaas nog maar één dagboek op. Voor de overige zal ik wellicht wat dieper moeten graven op zolder of in mijn eekhoornbrein, want de kans bestaat dat ik ze te goed verstopt heb voor potentiële curieuzeneuzen.

Nog met de hand schrijven, serieus?

Dat een kind van de nineties schriftjes vol kladderde met dagelijkse gebeurtenissen en geheimen lijkt niet zo raar, maar waarom zou je dat anno 2017 nog doen? Voor mij is dat simpel, gewoon omdat het mij een goed gevoel geeft. Ik hou van mijn pen die mijn gedachten vangt in krullende bewegingen op papier. Het heeft iets authentiek, iets echt. Zo’n boekje maakt ook dat ik maar met één ding tegelijk bezig ben en niet wordt afgeleid door 20 openstaande tabbladen. Ik voel me volledig in het hier en nu en kan me beter concentreren. Dit is op zich niet raar, want uit onderzoek blijkt dat mensen die informatie al schrijvend verwerken in staat zijn deze beter te onthouden en ook nieuwe concepten beter zullen begrijpen. Schrijven vergt volgens psychologen een andere manier van denken en een grotere mentale inspanning dan typen. Los van deze uitleg hou ik simpelweg ook van notitieboekjes 🙂 in allerlei kleuren en motieven. Ik heb ook digitale notities en winkellijstjes en schrijf heus niet alles in het lang en breed neer. Maar een combinatie van online en offline, dat werkt voor mij het best.

Van faxen tot chatboxen: een communicatie evolutie doorheen mijn jeugd

Maar goed, dat dagboek dus. We schrijven het jaar 2000. Lana was net 14 jaar. Ik moet toegeven dat het wel boeiend en soms verrassend was om mijn puberende zelve opnieuw tegen te komen. Bij het doorbladeren van dit dagboek heb ik tegelijk behoorlijk hard gelachen. Omwille van de manier waarop ik naar dingen keek, hoe ik ze verwoordde, wat ik belangrijk scheen te vinden,..

Enkele vaststellingen:

  • Dagboeken kan je gebruiken om je zussen te misleiden (als je weet dat ze stiekem in je dagboek lezen)
  • Als ik iets kocht moest daar ook steeds de prijs (in Belgische frank) bij vermeld worden.
  • Ik faxte (!) met vriendinnen die nog geen internet hadden.
  • Over TV-programma’s kon ik heler recensies schrijven.
  • Als ik verliefd was maakte ik een heuse fiche met persoonsbeschrijving, adres en telefoonnummer. (Ik draaide mijn hand niet om voor het betere detectivewerk)
  • Kermisbezoeken waren de max
  • Hoewel chatboxen toch interessanter waren.
  • Ik kende het concept ‘samenhang’ in teksten duidelijk nog niet. Van een emotioneel gedicht vol diepgang, werd één lijn lager moeiteloos overgeschakeld naar random facts zoals hoe je Kuifje zegt in het Chinees en wat ik die dag gegeten had.
  • De ene dag schreef ik enorm gedetailleerd, maar als ik minder tijd had werkte ik met pijltjes en kernwoorden waarvan ik nu niet meer begrijp wat ik toen bedoelde. 🙂

Mijn schrijven is veranderd, maar de reden waarom denk ik niet. Het laat me toe te reflecteren over mezelf en de wereld, maakt deze meer bevattelijk. Voor mij is schrijven vergelijkbaar met ademen. Het geeft me zuurstof en ik voel me helemaal leven als ik schrijf.

Hielden jullie ook ooit een dagboek bij, en wat schreven jullie daar zoal in neer? 🙂

Lana x